London Calling: notities uit een gekkenhuis


Dutch Courage
juni 26, 2009, 12:16 pm
Ingedeeld onder: Weekblad Cricket

Vroeger werd er op Lord’s jaarlijks een wedstrijd gespeeld tussen de Gentlemen en de Players, of zoals het ook wel werd aangeduid: tussen de Amateurs en de Profs. Meestal wonnen de profs, maar de deftige amateurs hadden een betere kleedkamer en haute cuisine tijdens lunch. Ze dienden op z’n minst met ‘Sir’ te worden aangesproken. Het verschil was zelfs op het scorebord zichtbaar: bij de amateurs stonden de initialen voor de naam, bij de profs erachter. Begin jaren zestig werd deze traditie afgeschaft.

Maar afgelopen vrijdagavond, tussen de regenbuien, werd er een hedendaagse, klasseloze variant gespeeld: de Engelse profs tegen de Nederlandse amateurs (versterkt met enkele profs). De bookmakers hadden weinig fiducie in een overwinning van de Oranjehemden en na tien overs hadden Ravi Bopara en Luke Wright het beste openingpartnership uit de korte Engelse Twenty20-geschiedenis bijeen geslagen. Voor de Nederlandse spelers, aangemoedigd door een duizendkoppig Oranjelegioen op de Mound Stand, leek het motto: genieten van Lord’s en een pak slaag voorkomen.

Na de vliegende start ging het scoreboard langzamer tikken doordat de Engelsen een kleine ineenstorting beleefden, nadat Ten Doeschate de cruciale wickets van de openers had gepakt. Elke bowler pakte wickets, behalve Dirk Nannes, die wél de zuinigste was en aan wie de Engelsen hun slagorde hadden aangepast. Waarschijnlijk merkten de mannen van Smits gaandeweg de wedstrijd dat er angst in het spel van de duurbetaalde profs was gekropen. Oranje, daarentegen, straalde vertrouwen uit, dat niet werd verminderd na de vroege val van Alexei Kervezee.

Na vijf overs zat Nederland al net boven de benodigde runrate en donkere wolken pakten zich samen boven St John’s Wood. Flinke regenval zou een Nederlandse overwinning betekenen, maar ingrijpen van de weergoden bleek niet eens nodig te zijn. Wat vooral opviel was het zorgeloze batten, wat zich uitte in vier zessen van Reekers (2x), De Grooth en Borren. Dat slaggeweld ging gepaard met uitstekend rennen tussen de wickets, waar de Engelsen zo nerveus (en in het geval van Ryan Sidebottom ook boos) van werden dat run out-kansen werden gemist.

De laatste over deed denken aan die van Australië – Zuid-Afrika tijdens de halve finale van het wereldkampioenschap van 1999. Toen was Allan Donald de schlemiel en nu Stuart Broad, die op de tweede bal een ‘Jonty Rhodes’ deed, maar faalde in de uitvoering. Echter, dit was niet zozeer een Engelse nederlaag alswel een Nederlandse overwinning. Nederland fieldde geconcentreerde, bowlde degelijker en batte brutaler. The Guardian schreef in de aanloop naar de (gewonnen) wedstrijd tegen Pakistan dat Engeland iets Dutch Courage nodig heeft. Zonder alcohol.

 

Patrick van IJzendoorn


Momenteel geen reacties tot nu toe
Plaats een reactie



Plaats een reactie
Automatische regel en alinea afbreking, email adressen nooit getoond, toegestane HTML: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <pre> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>