Gearchiveerd onder: NRC Handelsblad
Automobilisten met een baby-on-board sticker aan de achterruit behoren, zo bleek uit een onderzoek, tot de agressiefste weggebruikers. De sentimentele liefde voor de eigen baby loopt naadloos over in agressie jegens anderen. Deze combinatie van sentimentaliteit en hufterigheid komt aan de orde in twee recente cultuurbeschouwingen. In Spoilt Rotten! The Toxic Culture of Sentimentality belicht de Engelse essayist Theodore Dalrymple de ‘Ik toon mijn emoties, dus ik ben’-cultuur, terwijl de Nederlandse socioloog Bas van Stokkom de schaduwzijde van de emo-cultuur analyseert in Wat een hufter! Ergernis, lichtgeraaktheid en maatschappelijke verruwing.
De sentimentaliteitcultuur, schrijft Dalrymple, is makkelijker te herkennen dan te definiëren. Enkele willekeurige herkenningspunten zijn boeken met ‘tragische levensverhalen, verbloemend taalgebruik, bermmonumenten, ‘etnische studies’, weeralarmen, slachtofferverklaringen in de rechtbank en een pas vader geworden profvoetballer die na het scoren een speen in zijn mond steekt. Dat laatste hangt samen met het verschijnsel dat, terwijl kinderen steeds vroeger volwassen worden, volwassenen zich als kinderen gaan gedragen: sentimenteel, egocentrisch en snel geïrriteerd. Dat kort na het verschijnen van zijn boek het bericht verscheen dat eenderde van de Engelsen met een teddybeer slaapt – niet ironisch zoals in Brideshead Revisited – moet Dalrymple in zijn mening hebben gesterkt.
Centraal in zijn cultuuranalyse staat het verlies aan zelfbeheersing. Voorbij is de tijd dat mensen emoties voor zichzelf hielden, niet alleen uit gene maar ook om aanwezigen een ongemakkelijk gevoel te besparen. Emoties voelen is niet voldoende meer, maar laten zien dát je ze voelt. Openbaar rouwen is de norm geworden, middels het leggen van bloemen, teddyberen of het achterlaten van RIP-mededelingen op online-condoléanceregisters. Voorlopig hoogtepunt was de dood van Diana, de ‘People’s Princess’ in de perfect gekozen woorden van Tony Blair. “The judgement of the majority, or at least of those people who made the most fuss, must be right: forty million teddy bears can’t be wrong,” zo brengt Dalrymple de sentimenteel-populistische stemming onder woorden.
Typerend waren ook de hetzerige reacties jegens socioloog Anthony O’Hear die indertijd kritische kanttekeningen plaatste bij de Diana-manie en aan het adres van de terughoudende Koninklijke familie. Tien jaar later kreeg moeder van Madeleine McCann, de verdwenen kleuter, te maken met vijandigheden omdat ze haar decorum behield. Sterker, wie zijn emoties verborgen houdt, is verdacht, een variant op ‘Wie niets te verbergen heeft, hoeft niets te vrezen’ de drogreden waarmee politici privacyschending goedpraten. De dunne lijn tussen verteddyberisering en agressie bleek ook uit een tekst op de gekleurde Madeleine-armbandjes: “Don’t you forget me”. In het woordje ‘you’ zit iets dreigends. Een Nederlands voorbeeld is het agressieve optreden van slachtofferkampioen Pieter Storms.
In het sterfjaar van Diana publiceerde Van Stokkom een boek waarin hij emotioneel exhibitionisme prees als morele vooruitgang. Dertien jaar later, echter, trekt de VU-socioloog hetzelfde verband tussen lichtgeraaktheid en agressie, waarbij hij zich voornamelijk richt op de tweede component, wellicht relevanter voor Nederland. Hij schrijft, in sociologenjargon (‘permissieve opvoedingsstijl’, ‘attitudes’, ‘publieke expressie’), over de narcistische gevoelens die met name bij jongemannen kunnen leiden tot hufterig gedrag. De oorzaak van de ‘verhuftering’ zoekt hij, met tegenzin, bij een doorgeslagen jaren-zestig mentaliteit en de neoliberalisering die medeburgers heeft veranderd in concurrenten. Van Stokkom pleit voor een hernieuwde poging tot volksverheffing en een sturende rol voor zowel progressieve intellectuelen als bevoogdende overheidsdienaren.
Dalrymple, als voormalig gevangenisarts een buitenbeentje binnen de intellectuele elite, heeft minder vertrouwen in de intelligentsia, en al helemaal niet in onderwijskundigen. Als bron van de sentimentaliteitscultuur identificeert hij Jean-Jacques Rousseau die de Christelijke aanname dat de mens moreel onvolmaakt is, verving door het principe dat de boze buitenwereld de goede mens corrumpeert. Dit idee, door veel intellectuelen en politici omarmd, is een voedingsbodem gebleken voor narcisme, emotionele incontinentie en het afschuiven van verantwoordelijkheden. Anders dan Van Stokkom vindt Dalrymple dat we wel iets harder mogen worden. Vooral naar onszelf toe.
Patrick van IJzendoorn
Spoilt Rotten: The Toxic Cult of Sentimentality
Theodore Dalrymple
Gibson Square 2010, 260 blz.
£14.99
Wat een hufter! Ergernis, lichtgeraaktheid en maatschappelijke verruwing
Bas van Stokkom
Boom 2010, 188 blz.
€17.90
1 reactie so far
Een reactie plaatsen
De baby-aan-boord-sticker….. daar is ie weer en ik heb het er al eens over gehad. Had mijn buurman ook op zijn auto maar als de baby niet aan boord was, reed hij met groot gemak 60 door de straat. Andermans kleintjes deden er niet toe, er waren er genoeg tenslotte, zei hij eens met een grijns op zijn smoel toen hij er op werd aangesproken. Toen werd z’n smoel door een andere buurman verbouwd en deed hij aangifte van mishandeling.
Wij allen hadden niets gezien, gehoord, gemerkt toen een agent navraag kwam doen. Hij heeft het begrepen want hij had zijn huis 3 weken later te koop staan en is inmiddels opgeduveld. Wat een hufter!
Pieter Storms: slachtofferkampioen? Kampioen slachtoffer zul je bedoelen want iemand die huwt met Nina Brink is een zeer betreurenswaardig persoon! Wat een hufter!
‘Don’t you forget me’ klinkt idd agressief maar ook de site voor Madeleine is niet goed opgesteld. Jaren geleden kon je vrienden worden van de Space van Madeleine. Ik dacht dat ‘t van de ouders kwam en wilde ook de oproep plaatsen. helpen. Alle beetjes helpen, dacht ik maar de site was van een mededorpbewoonster en die was op zijn zachtst gezegd een bitch. Je moest dit en moest dat en daar had ik geen zin in. Toen kreeg ik een misselijkmakend verwijt naar mijn hoofd geslingerd en heb alle contact verbroken. Ieder normaal mens hoopt dat het kind niet geleden heeft en zelfs nog liever dat ze ooit nog gevonden wordt, en dan durft zo’n muts die zichzelf profileert als de grote mensenredder een ander op zijn nummer te zetten vanweg háár meerdere eer en glorie?! Wat een hufter!
Tja, al dat ongecontroleerde, hysterische, over-emotionele gedoe….ik kan er niet tegen. Huilen als je verdriet hebt, is normaal, het is zelfs goed om dingen van je af te huilen maar rouwen om iemand die je niet kent, gaat me te ver. Het is dramatisch als iemand een geliefd persoon verliest door een verkeersongeluk, een zelfdoding, een moord, een brand of een aardbeving maar een stille toch zegt mij niets. Bloemen in de berm zeggen mij niets en een minuut stilte in de 2e Kamer zegt me eerlijk gezegd ook niets. Bij een ongeluk waarbij meerdere Nederlanders tegelijkertijd omkomen, gebeurt dat regelmatig en ik kan het ergens wel begrijpen maar als wiens kind dan ook in zijn eentje omkomt bij een vliegtuigongeluk, wordt het dan ook gedaan? Nee, want dan is het er maar een! Wat is dan het verschil? Het verdriet voor de achterblijvers is er toch niet minder om?
Voetballers met een speen in de mond. De meesten van de huidige voetballers, zijn nog kinderen die nauwelijks kunnen lezen, schrijven of praten. Het is begonnen met de boys from Brazil: kindjewiegen als ze een doelpunt hadden gemaakt en ook net vader waren geworden. Op zich niet zoveel mis mee maar de voetbalgekte in zijn wereldwijde totaliteit staat me tegen de huig.
Je reinste massahysterie. Geef de mens brood en spelen en ze pikken het anno 2011 nog ook. Wat een hufters!
De Diana-gekte heb ik met open mond aanschouwd. Nog geen maand voor haar dood werd ze verguisd door haar tomeloze koopgedrag: er ging zo’n £100.000 doorheen per maand, werd gezegd. Haar relatie met Dodi werd ook niet gepruimd en over alle mondaine feesten die ze afstruinde was ook de nodige opschudding. Van de doden niets dan goeds, zullen we maar denken, het was tenslotte een tragisch ongeluk en ze stierf te jong en liet twee jonge kinderen achter, maar ik mag toch hopen dat de flegmatieke Britten zich achteraf geschaamd hebben voor hun onwijze, bijna hufterige manier van rouwen.
Dat een christen zegt dat de mens moreel onvolmaakt is, is eigenlijk vreemd. Religieuzen vinden zichzelf over het algemeen tamelijk volmaakt omdat ze in de Heer zijn en daarom weinig fout doen: hun richtlijn is tenslotte de bijbel, het woord van God. Ik vraag me altijd af waarom hij veel van zijn ‘kinderen’ laat lijden? Eerst lijden om later gelouterd en gereinigd van alle zonden, de hemel te mogen betreden en eeuwig verder te leven…..???
Reactie door Ilona 28 februari 2011 @ 00:58Ik denk dat zij liever een prettig aards bestaan hadden gehad met elke dag te eten.